top of page

Borstkas Aan Eén Kant Meer Uitstekend: Asymmetrische Afwijkingen

  • 27 minuten geleden
  • 7 minuten om te lezen

Dat de ene kant van de borstkas duidelijker uitsteekt, boller of juist ingezakt oogt dan de andere, is iets wat zowel ouders als volwassenen vaak opmerken, maar zelden goed uitgelegd krijgen.​‌​‌​​​​​‌​​​‌​‌​‌​​​​‌‌​‌​‌​‌​​​‌​‌​‌​‌​‌​‌​​‌‌​‌​​‌‌​​​‌​​​​​‌​‌​​​​‌​ In de wetenschappelijke literatuur wordt aangegeven dat een aanzienlijk deel van de borstkasafwijkingen — kippenborst, trechterborst en de zeldzamere vormen — in werkelijkheid niet volledig symmetrisch verloopt, maar tot op zekere hoogte asymmetrisch is [1] [2].

Deze asymmetrie wordt in de literatuur meestal verklaard door een lichte rotatie van het borstbeen of doordat het kraakbeen van de ribben aan de ene kant anders in lengte groeit dan aan de andere kant [2] [3]. Dat betekent niet dat de afwijking "fout" of "gecompliceerd" is — het laat alleen zien dat de twee helften van de borstkas tijdens de groei niet altijd precies gelijk opgaan.

Volgens de literatuur kan de rotatiehoek van het borstbeen tijdens de groei veranderen, daarom wordt regelmatige controle aangeraden.

In dit artikel worden geen patiëntgegevens of individuele beoordelingen gedeeld; de informatie is afkomstig uit gepubliceerde wetenschappelijke literatuur. Het doel is om op een begrijpelijke manier uit te leggen waarom de borstkas aan één kant meer kan uitsteken, hoe dit samenhangt met kippenborst en trechterborst, en wanneer een specialist geraadpleegd moet worden; een individuele beoordeling kan alleen via een lichamelijk onderzoek worden gedaan.

Waarom lijkt de borstkas aan één kant meer op te vallen?

De vorm van de borstwand hangt af van hoe snel het borstbeen en het kraakbeen dat het met de ribben verbindt, groeien. Die groei verloopt niet altijd precies gelijk aan beide zijden van de borst; volgens de literatuur kan een lichte draaiing (rotatie) van het borstbeen naar één kant, of iets sneller groeiend ribkraakbeen aan één zijde, ervoor zorgen dat de borstwand er asymmetrisch uitziet [1] [3].

Hoe groot dit verschil is, verschilt per persoon. Bij sommigen valt de asymmetrie alleen op bij nauwkeurig kijken, bij anderen is de uitstulping of inzakking aan één kant met het blote oog duidelijk zichtbaar. In de literatuur wordt voor dit soort beoordelingen onder meer de "rotatiehoek" van het borstbeen gebruikt, waarmee de mate van draaiing cijfermatig wordt uitgedrukt [4].

Een asymmetrische borstkas wordt ook wel verward met flared ribs (uitstaande onderste ribben), omdat in beide gevallen een deel van de borstwand duidelijker naar voren komt dan de rest. Toch hebben deze twee aandoeningen een andere oorsprong: flared ribs hangen samen met het naar buiten kantelen van het onderste deel van de ribbenboog, terwijl de hier besproken asymmetrie rechtstreeks te maken heeft met de rotatie van het borstbeen en het verschil in kraakbeengroei [1] [3]. Dit onderscheid kan alleen met een lichamelijk onderzoek worden vastgesteld.

Asymmetrische kippenborst

Kippenborst wordt klassiek beschreven als een gelijkmatige naar voren gerichte uitstulping van het borstbeen, maar in de literatuur wordt gemeld dat deze uitstulping ook eenzijdig (unilateraal) kan zijn, waarbij het borstbeen in die gevallen vaak licht naar rechts gedraaid is [2].

In een studie die specifiek op dit onderwerp inging, werden met een CT-scan de lengtes van ribben en ribkraakbeen gemeten bij patiënten met een asymmetrische kippenborst; het kraakbeenweefsel aan de kant met de duidelijkste uitstulping bleek langer te zijn dan aan de andere kant [3]. Deze bevinding suggereert dat de asymmetrie niet toevallig is, maar mogelijk voortkomt uit een werkelijk verschil in kraakbeengroei.

Asymmetrische trechterborst

Bij trechterborst is een vergelijkbaar patroon te zien: in de literatuur wordt aangegeven dat de inzakking van het borstbeen vaak niet precies in het midden zit, maar licht naar rechts verschoven is, een toestand die wordt omschreven als "asymmetrische trechterborst" [1].

Uit een gepubliceerde studie blijkt dat de rotatiehoek van het borstbeen bij patiënten met een asymmetrische borstwandafwijking toeneemt met de leeftijd, wat betekent dat de asymmetrie tijdens de groei duidelijker kan worden [4]. Dit laat zien dat een vroeg opgemerkte, milde asymmetrie in de loop van de tijd kan veranderen, wat het belang van regelmatige controle onderstreept.

Verband met de wervelkolom (scoliose)

Rotatie van het borstbeen is niet beperkt tot de voorste borstwand. In de literatuur wordt beschreven dat bij patiënten met trechterborst ook de borstwervels enige mate van rotatie kunnen vertonen, wat erop wijst dat de asymmetrie van het borstbeen ook samen kan hangen met de wervelkolom [5].

Dit algemene beeld verklaart waarom in de literatuur wordt aangeraden om bij patiënten met een borstwandafwijking ook te kijken naar een mogelijke kromming van de wervelkolom (scoliose) [6]. Dit betekent niet dat elke asymmetrische borstkas automatisch gepaard gaat met scoliose — het laat alleen zien dat de groei van deze twee structuren met elkaar verbonden kan zijn.

Wanneer is dit normaal en wanneer moet het beoordeeld worden?

Een lichte mate van asymmetrie komt vrij vaak voor en wijst op zichzelf niet per se op een probleem; in de literatuur wordt zelfs aangegeven dat volledig symmetrische vormen van borstwandafwijkingen minder vaak voorkomen dan asymmetrische [1] [2]. Toch is het verstandig en veilig om een specialist te raadplegen als de asymmetrie in de loop van de tijd duidelijker wordt, gepaard gaat met eenzijdige pijn of ongemak, of als er een snelle verandering in de vorm van het borstbeen wordt opgemerkt.

Binnen de klinische praktijk van Pectuslab bieden we algemene informatie en verwijshulp bij asymmetrie van de borstwand; voor een definitieve beoordeling is een rechtstreeks bezoek aan een specialist nodig — dit kan een thoraxchirurg, kinderchirurg, orthopedisch specialist of fysiotherapeut zijn; welke specialist het meest geschikt is, hangt af van de bevindingen.

Ook het effect op het zelfbeeld mag niet worden onderschat. In de literatuur wordt gemeld dat borstwandafwijkingen, zeker tijdens de puberteit, een duidelijke psychologische invloed kunnen hebben op zelfvertrouwen en lichaamsbeeld [2]. Daarom is het niet verstandig om asymmetrie af te doen als "alleen een kwestie van uiterlijk" — een gesprek met een specialist kan zowel op fysiek als op emotioneel vlak nuttig zijn.

Hoe verloopt de diagnose?

De beoordeling begint met een lichamelijk onderzoek: de arts kijkt naar het verschil tussen beide zijden van het borstbeen en de ribben, en gebruikt zo nodig ernstmaten zoals de Haller-index [2]. Om de mate van asymmetrie en de richting van de rotatie van het borstbeen preciezer vast te stellen, kan gebruik worden gemaakt van beeldvormend onderzoek zoals een CT-scan [3] [4].

In sommige gevallen, vooral wanneer de asymmetrie duidelijk is of er bijkomende bevindingen zijn, wordt in de literatuur ook een beoordeling van de wervelkolom aanbevolen [5] [6]. Dit levert geen volledig beeld op via één enkel onderzoek, maar via een gezamenlijke beoordeling van meerdere specialismen, zoals thoraxchirurgie en orthopedie, wanneer dat nodig is.

Eén enkel onderzoek is niet altijd voldoende. Aangezien uit onderzoek blijkt dat de rotatiehoek tijdens de groei kan veranderen [4], is het zinvol om vooral bij kinderen en pubers op vaste tijdstippen opnieuw te laten controleren, om het verloop van de asymmetrie goed te kunnen volgen.

Hoe verandert de behandeling bij asymmetrische gevallen?

Bij een asymmetrische borstwandafwijking vraagt het behandelplan meestal om een meer individuele aanpak dan bij symmetrische gevallen, omdat de druk of ondersteuning niet gelijk over beide zijden hoeft te worden verdeeld, maar moet worden afgestemd op de asymmetrie. In de literatuur wordt beschreven dat zelfs bij chirurgische correctie rekening wordt gehouden met asymmetrie, doordat de hoek van de achterste osteotomie op dit verschil wordt afgestemd [3].

Bij niet-chirurgische behandelingen (zoals orthesen en vacuümklokken) geldt eenzelfde logica: het is belangrijk dat het product wordt gekozen en afgesteld op basis van de anatomie van de patiënt, inclusief een eventuele asymmetrie. Hierbij kan het bijvoorbeeld nuttig zijn dat de Gpad-orthese in verschillende padvarianten verkrijgbaar is, of dat de Gvacuum-vacuümklok in verschillende maten beschikbaar is, zodat er een keuze mogelijk is die past bij verschillende lichaamsvormen; welk product en welke instelling geschikt zijn voor een asymmetrisch geval, kan echter alleen na onderzoek door een arts worden bepaald. Het moet duidelijk zijn: dit is geen uitspraak over een bepaald slagingspercentage of enige garantie.

Veelgestelde vragen

Is het gevaarlijk als één kant van de borstkas meer uitsteekt?

Meestal vormt een lichte asymmetrie op zichzelf geen bedreiging voor de werking van hart of longen en is het vooral een kwestie van uiterlijk. Toch wordt in de literatuur beschreven dat asymmetrie in sommige gevallen samengaat met rotatie van de wervelkolom [5] [6], waardoor bij een duidelijke of snel veranderende asymmetrie een uitgebreide beoordeling wordt aangeraden.

Verdwijnt asymmetrie vanzelf tijdens de groei?

Er is in de literatuur geen aanwijzing dat asymmetrie met de leeftijd afneemt; integendeel, sommige studies laten zien dat de rotatiehoek van het borstbeen juist toeneemt naarmate de groei vordert [4]. Daarom wordt aangeraden om regelmatig te laten controleren, in plaats van te wachten in de veronderstelling dat het "vanzelf overgaat".

Naar welke specialist moet je bij een asymmetrische borstkas?

Wanneer asymmetrie van de borstwand wordt opgemerkt, is rechtstreeks een specialist raadplegen een geschikte eerste stap; dit kan een thoraxchirurg, kinderchirurg, orthopedisch specialist of fysiotherapeut zijn — wie het meest geschikt is, hangt af van de bevindingen en de leeftijd, en indien nodig kan een gezamenlijke beoordeling door meerdere specialismen worden gevolgd.

Afsluiting

Dat de ene kant van de borstkas duidelijker naar voren of naar achteren afwijkt dan de andere, is een verschijnsel dat in de literatuur vaak wordt beschreven bij borstwandafwijkingen zoals kippenborst en trechterborst, en dat meestal voortkomt uit een lichte rotatie van het borstbeen en een verschil in groeisnelheid van het ribkraakbeen. Lichte asymmetrie komt vaak voor en is doorgaans onschuldig, maar bij een duidelijkere of hinderlijke asymmetrie wordt een beoordeling door een specialist aangeraden. De definitieve diagnose, de ernst en de behandelaanpak worden altijd vastgesteld tijdens een onderzoek door een specialist.

Bronnen

Neem contact op

Heeft u vragen? Bespreek met ons team de behandelproducten voor pectus en de oplossing die bij u past.

 
 
bottom of page